Jaïr en Bo in Berlijn

Terwijl in Carrara (Italië) Inger Stam en Hanna Timmers een voorstelling bijwoonden gemaakt en gespeeld door jongeren, Sara Giampaolo en Antonio Bertusi, gebaseerd op gesprekken met ouderen over wat er in die Italiaanse marmerstad in de oorlog gebeurde, zagen ook Bo Tarenskeen en ik zaterdag een speciaal voor International Holocaust Remembrance Day (27 januari) gemaakte theatrale presentatie. Dit was bij jeugdtheaterschool Academy in Kreuzberg, Berlijn, gemaakt en gespeeld door 7 Berlijnse jongeren onder leiding van Jantien Fick en Ayrton Fraenk. 8 t/m 11 februari speelt hier hun voorstelling An Anne // Aan Anne, samen met 6 Amsterdamse jongeren. De meesten van de Berlijnse jongeren hadden geen tot weinig theaterervaring, maar het verhaal van Anne Frank en de Holocaust kennen zij zeker, wat zichtbaar was in de noodzaak en kracht waarmee deze jongeren op de vloer stonden. De presentatie ging o.a. over muisstil zijn, over de overeenkomsten met Anne – je anders voelen dan de rest, vluchteling zijn, je gedachten opschrijven – over je opgesloten voelen in een kleine ruimte die tegelijkertijd ook je veilige schuilplaats is. Op een zeker moment in de presentatie werden de spelers live gebeld door hun Amsterdamse partners. Op die manier waren ook zij even in Berlijn aanwezig op deze herdenkingsdag.

Na een snelle Italiaanse maaltijd samen met Jantien, ontmoetten Bo en ik volgens afspraak Dik de Boef voor de ingang van het Berliner Ensemble. Hij was die middag in kamp Sachsenhausen aanwezig bij de herdenking in de hoedanigheid van secretaris van het daartoe behorende comité. We kochten de laatste kaarten voor het schellinkje van deze met geschiedenis beladen bonbonnière. Op het programma stond een gesprek tussen Michel Friedman, publicist en filosoof, wiens Joodse familie in grote getale vermoord is in Auschwitz, en Sigmar Gabriël, prominent SPD politicus en oud-minister, wiens vader NSDAP-lid was en na 1945 nog rechts gedachtegoed aanhing en de Holocaust ontkende. Wat volgde was een 90 minuten durend gesprek op het scherpst van de snede, dat een volle en muisstille zaal voerde langs verschillende decennia waarin Duitsland zich verhield tot een geschiedenis als dader. Om de zoveel tijd verwezen de mannen naar het woord dat achter hen geprojecteerd stond: ‘AUSCHWITZ’. In hoeverre bepaalt dit woord – en alles waar het voor staat – nog de Duitse identiteit, zoals president Gauck stelde, zeker nu er een partij in het Duitse parlement gekozen is waarvan sommige prominente leden een andere – lees minder schuldbewuste – interpretatie van de oorlogsgeschiedenis voorstaan? En wat moet er gebeuren wanneer 47% van de Duitse schoolkinderen niet meer weet waar dat woord überhaupt voor staat? En hoe is dat eigenlijk in Nederland? Want ook al verhouden de honderden jongeren die meedoen aan de jongerenprojecten van Theater Na de Dam zich actief tot de periode van de Tweede Wereldoorlog en wat deze nu nog betekent, toch is het historisch besef in vele scholen en huiskamers helaas ver te zoeken. Ik denk dan: daarom herdenken we, daarom Theater Na de Dam…

 

Door Jaïr Stranders